Loopgroep Stiens traint op maandagavond 19.45-21.00, woensdagavond 19.00-20.00, 20.10-21.25
Locatie sportcentrum it Gryn aan de Ieleane. Voor informatie of proefles: a.visserman@gmail.com

maandag 16 april 2012

WIJ WORDEN GESCHADUWD........

Beetje onwennig vanmorgen, Marijke en Jurjen hebben afgezegd. Marijke zit op de boot naar Terschelling voor iets op de Brandaris, soort estafette om te zien wie het vaakst naar boven kan lopen. Past eigenlijk niet goed in de voorbereiding voor de S, maar bij wijze van uitzondering heeft ze dispensatie gekregen. Bovendien had ze donderdag ons programma individueel afgewerkt,’doe ik nooit weer, wat zwaar’, meldde ze via de mail. Persoonlijk krijgt ze van mij nog extra krediet, omdat ze me vrijdagavond van een beginnende blessure heeft afgeholpen. Jurjen heeft gewoon vrij, zijn reserves zijn dusdanig dat een keer minder trainen hem op 6/16 niet van een topprestatie zal afhouden.
16 juni sil ik jim ferljochtsje!

Op het secretariaat eerst de fanmail gelezen, het doet ons goed dat er in zo’n korte tijd zoveel positieve reacties binnenkomen. Een paar mag ik u niet onthouden: “Er gebeurt wat ik verwachtte, Loopgroep Stiens wint de Slachte” (Annie Schotanus); “Thank you stars!” (Katie M); “Doe als ik, ga eerst in gesprek met het ijs (asfalt)” (Henk Gemser); “Leaver dea as slaef” (Grutte Pier); “De Aldehou sil jim op 16 juni ferljochtsje” (Stichting Oldehove) …. (volgende keer meer)

De vorige zaterdagen in gedachten hebben we ons warm gekleed, 3 laagjes en handschoenen aan. Na een paar kilometer richting Vrouwenparochie wordt al duidelijk dat we dit verkeerd hebben ingeschat, geen wind, een opkomende zon die ons warm toelacht, het is gewoon heerlijk weer. Om ons heen veel bedrijvigheid op de landerijen. Sjoch (Kijk) dat is een aardappelzetmachine vertelt Anja, en daar wordt geëgaliseerd en die boer verderop is aan het ploegen, we komen oren en ogen tekort. Maar de vraag van vorige keer waarom koeien twee oormerken hebben, wordt ook vandaag niet door haar beantwoord.

In Vrouwenparochie treffen we nog net Karin en Arjen, kratten koffie, koek en andere voedingsmiddelen worden in de auto gezet. Ze gaan op weg naar hun loopgroep in Sneek. Een kort gesprek, een kleine boodschap en met een ‘hou do’ vervolgen we onze weg naar Sint Annaparochie. Halverwege komt ons een scootmobiel tegemoet, het zal toch niet waar zijn, heeft onze oproep nu al succes? Nee dus, de berijdster gunt ons geen blik waardig. Dit wordt weldra anders, in St. Anna worden we opgewacht door mem Jouk van Anja, ze heeft zich aangemeld als proviandeuze en wil weten of we nu al aan een versnapering toe zijn. William kijkt op de computer en vindt dat het nog te vroeg is. We spreken af in Berlikum, daar komen we een klein half uurtje later aan. Ze heeft op een strategisch goede plek de auto aan de kant gezet. We zijn blij met dit initiatief omdat de instructies van de dochter voor velerlei uitleg vatbaar bleken te zijn. Dat heb je er van als de route een dag van tevoren vanaf een terras in Leeuwarden telefonisch in elkaar wordt gezet. Blij dat Gerarda uiteindelijk de regie heeft genomen en er een prachtige loop van heeft gemaakt.

De sportdrank is tegenwoordig in 1,5 literpakken te koop, handig omdat flesjes een beetje teveel van het goede zijn. De voorgesneden ontbijtkoek smaakt ook goed, Herman meldt tussen neus en lippen door dat hij altijd ongesneden koopt, kunnen de plakjes plakken worden. Hij is trouwens vanmorgen aardig op de tekst, eerst dachten we dat het onderweg wel rustig zou zijn zonder M en J, maar niets blijkt minder waar. “Weten jullie hoe hoog je ochtendpolsslag is?”, “Nee?, het is de basis voor elke hartslagmeting. Je wordt wakker, meet je polsslag, vermenigvuldig die met 3,5 en je hebt je maximale hartslag”. We slaan deze informatie op,maar niet nadat W bezwaar tegen deze methode heeft aangetekend. “Als ik ’s morgens wakker en zie Gerarda naast me, wat denk je dan van mijn polsslag?”. Herman is onverbiddelijk en verwijst hem voor een nacht naar het logeerbed.

Jouk belooft de rest van het eten en drinken in Beetgumermolen bij Ons Huis achter te laten. Er worden nog wat vage afspraken met haar gemaakt over 16 juni en mogelijk nog een ‘zaterdagdienst’. Overbodige kleding gaat in de achterbak en wij richting Menaldum, het mooiste deel van de route. Een slingerend schelpenpad langs het water, je waant je op Terschelling. Sjoch (Kijk), jonge eendjes, de eersten die ik dit voorjaar zie, wat lief! Even de pas inhouden, meer doen we ons niet aan tijd, maar het moet gezegd worden, we voelen ons een met de Friese natuur. W verwacht dat we vanmorgen het laatste kievitsei zullen vinden, maar dat we het zullen laten liggen omdat het lotteren zoveel tijd neemt op het gemeentehuis.

Aan al het moois komt een eind als we de afslag Ingelum bereiken en onze koers richting dit dorp verleggen, een afstand van 5 km. Over het lopen valt weinig te vertellen, daarvoor is de weg te eentonig, het randgebeuren brengt echter spanning, dus sla ik even een zijpad in.

Het was me de vorige keer op het traject Burdaard-Wyns al opgevallen dat we op een afstand van laten we zeggen 300 meter gevolgd werden door een fietser. Ogenschijnlijk had hij geen oog voor ons en genoot hij net als wij van de natuur, maar ik vond dat hij zich vreemd gedroeg. Haalde ons niet in, stapte zo nu en dan af, rommelde wat met de pakjesdrager enz. En hij had iets in zijn rechterhand, kon niet goed zien wat het was, leek gereedschap. Na onze tussenstop in Lekkum heb ik hem niet meer gezien, reden om de loopgenoten niet onnodig ongerust te maken. Maar .. halverwege Ingelum zie ik de man weer, althans dezelfde fiets. Nu staat hij te praten met iemand, groet ons zelfs! Onze blikken ontmoeten elkaar, hij wendt het hoofd af, ik zie in zijn hand een hamer. Zou dit hem zijn, de man met de hamer?Op het frame staat info@mmdh.nl, ik ben nieuwsgierig genoeg om hem vanmiddag nog een mail te sturen met de vraag of hij het echt is en wat hij met ons moet. Het antwoord is verbijsterend aan de ene kant en hoopgevend aan de andere. Het klopt dat ik hem de vorige week ook gespot heb, was niet de bedoeling dat hij opgemerkt werd, want in verband met de Slachte is hij op zoek naar loopgroepen om daar de zwakke plekken in te ontdekken. Vooral op zaterdag zijn er velen actief en hij kan nu al verklappen dat 16 juni voor hem een feestdag wordt. Zoveel overmoedigen, zoveel ongetrainden, ze zullen hem allemaal tegenkomen. Tot zijn eigen spijt moet hij meedelen dat er bij ons weinig te halen zal zijn, jullie team kent geen zwakke plekken, wij zullen elkaar niet meer ontmoeten …. Hij stelt het wel op prijs als ik hier verder geen ruchtbaarheid aan geef, iets wat ik hem niet kan beloven.

Herman blijkt zijn eigen tweelingbroer te zijn. Vlak na Menaldum wijst hij zijn geboortestee  aan, zie, daar die boerderij bij die molen. Vlak voor Ingelum: “Zien jullie die boerderij achter die molen? Daar ben ik geboren. Onze vragende blikken beantwoordt hij met de mededeling dat hij zich de eerste keer vergist had, de wereld verandert ook zo snel!

In Beetgumermolen de tweede korte pauze. Zoals beloofd ligt achter een grote gedenksteen de drinkzak. Tijd voor een paar bewijsfoto’s. De voorzijde van de gedenksteen vermeldt de naam Hogerhuis. Straks zullen we langs het huis lopen waar zich een drama heeft afgespeeld. De groep behoeft voorlichting. Korte samenvatting:
HOGERHUIS, gebroeders Keimpe, Wybren en Marten
Slachtoffers van gerechtelijke dwalingen in de roerige jaren negentig van de negentiende eeuw, zijn geboren te Beetgum. Wybren was schildersknecht en stond op het punt een schilderszaak over te nemen, toen hij door de marechaussee werd meegenomen, verdacht van inbraak. Deze vond plaats op de late Sinterklaasavond van 1896 in de boerderij van Gatze Haitsma onder Britsum. De broers Hogerhuis behoorden tot de weinige intimi van Haitsma en Wybren had een relatie met diens huishoudster Ymkje Jansma. Maar vooral wekte de inbraak sensatie, omdat Ymkjes broer Sieds, die deze nacht de plaats van Wybren had ingenomen, door twee revolver-schoten gewond was geraakt. Wybren, die was opgepakt omdat hij vaak bij Haitsma over de vloer kwam, werd de volgende dag reeds vrijgelaten. Eind van die maand werd hij echter opnieuw aangehouden, nu tezamen met zijn beide broers, ondanks hun alibi en het feit dat geen van hen verwondingen vertoonde. De zaak kreeg een plotselinge draai, toen Ymkje Jansma onder zware druk van de Leeuwarder politiecommissaris plotseling verklaarde de broers Hogerhuis te hebben herkend. Een half jaar later, op 17 juni 1896, werden de broers tot zware gevangenisstraffen veroordeeld.
Zoveel onrecht kunnen we deze morgen niet verdragen en zetten aan voor de laatste 10 km. Het is beter om tijdens de loop niet  te gaan zitten (leermoment), want het op gang komen gaat moeizaam. Gelukkig treft dit ons alle vier, voor de rest zijn we stil, nog onder de indruk van het vertelde. De aanleg van de NW Tangent mogen we van nabij aanschouwen. Verbodsborden gelden niet voor lopers zegt W, wij keutelen achter hem aan om ons even later terug te vinden op het onverharde eerste deel van de nieuwe weg. “Teruggaan is voor mietjes”, we kunnen aan de slootkant om het hek heen. Dat blijkt te kloppen, maar wat we ook zien is dat we net een gedeelte met drijfzand zijn gepasseerd. Het bord is waarschijnlijk door de wegwerkers omgedraaid. We zijn aan een ramp ontsnapt. Ook dit wordt op de gevoelige plaat vastgelegd.


U begrijpt dat we bij thuiskomst eerst op adem moesten komen, de emoties een plaats geven, de ruggen strekken, de hersteldrank haar werk te laten doen en daarna genieten van de koffie!


Het was weer een gedenkwaardige ochtend, laat de Zoladztest morgen maar komen.


Koos

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen