Loopgroep Stiens traint op maandagavond 19.45-21.00, woensdagavond 19.00-20.00, 20.10-21.25
Locatie sportcentrum it Gryn aan de Ieleane. Voor informatie of proefles: a.visserman@gmail.com

woensdag 30 mei 2012

WE MAKEN KENNIS MET DE SCHADUW EN KIJKEN HEM DIEP IN DE OGEN......

Iedereen heeft zijn of haar buiten-loopse bezigheden van vorig weekend goed doorstaan, zodat we ons nu kunnen gaan focussen, zoals je dat tegenwoordig moet noemen, op het evenement nu op drie weken   van ons. Herman moeten we helaas van de deelnemerslijst schrappen. Hij heeft nog geprobeerd om via de heilzame werking van het Waddenslib zijn knie genezen te krijgen, maar helaas, deze wellness werkte bij hem uit als badness, hij heeft zijn startbewijs op de lokale markt moeten verpatsen. Herman, we vergeten je niet, volgend jaar is er vast weer een evenement waar we met zijn allen naar toe kunnen werken. Zoals in een eerdere blog  gezegd, de Tour wacht op niemand en de Slachte al helemaal niet.
Zeven deelnemers nog, een heilig getal zult u zeggen. Dat is ook zo, want we geloven er heilig in dat we de finish zullen bereiken. Dat enige nervositeit zich van ons meester maakt, steken we niet onder stoelen of banken. Weliswaar hebben we een hoopvol afbouwschema van Arjen (hij gelooft in ons!) gekregen, maar deze zaterdag staat de 36 H2 op het programma. William heeft in al zijn wijsheid voorgesteld om dan maar gelijk de koe bij de hoorns te vatten en de vijand in zijn hol op te zoeken, zodat we over drie weken weten wat we aan elkaar hebben. Besloten wordt om de eerste 6 km van het parcours te laten voor wat het is en ons te concentreren op het restant, met name de finale. Achteraf blijkt dit een wijs besluit te zijn, want bij de eerste zes ben je nog  fit. Organisatorisch zijn er een paar haken en ogen. Normaal lopen we een rondje van A naar A, nu liggen A en B 36 km uit elkaar. Hoe komen we in A en hoe gaan we van B naar A, om maar eens iets te noemen, en hoe zit het met de verzorging onderweg. Hier en daar wat tassen neerzetten is geen optie, want waar is hier en waar is daar? We hebben verzorgers nodig die rekening willen houden met het tijdstip waarop we willen vertrekken, 06.30 uur – de officiële starttijd. Uit het bestand komen de schoonouders van Jurjen naar voren. De familie Bosch woont in Jellum, dus niet zo ver van de route. Zij nemen twee plaatsen voor hun rekening. Lyze, de vriendin van Alle, wil ons ook graag eens in actie zien, maar dan het liefst in vermoeide staat, daarom voor haar de laatste post boven Franeker. Karin en Arjen nemen de eerste plaspauze voor hun rekening, want zij moeten toch naar Sneek.
Blokhuispoort
              Om een betere routebeschrijving te krijgen dan die op de officiële site staat, ga ik op donderdagmiddag op de bonnefooi naar de Blokhuispoort in Leeuwarden, het secretariaatsadres van de organisatie. Telefoon hebben ze bewust niet, vragen worden per mail beantwoord. De laatste keer dat ik in de Blokhuispoort ben geweest dateert van de tijd van De Overval en dat is alweer even geleden. De cellencomplexen zijn nauwelijks veranderd, met dit verschil dat de cellen nu allemaal openstaan. Na enig gezoek kom ik bij cel H3 en wordt welkom geheten door Grietje Deinum – de spin in het organisatieweb. Ik heb geluk, want ze is net gearriveerd, het bureau heeft geen vaste openingstijden. Ze verontschuldigt zich voor het feit dat de cel er nog net zo uitziet – inclusief de wc-pot in de hoek – als toen de laatste bewoner naar elders werd overgebracht. Mij maakt het niet uit, ik kan overal wel plassen als het moet, en we gaan over tot het doel van mijn bezoek. Een gedetailleerde kaart?, maar natuurlijk is die er, Grietje bespeelt haar laptop en print een kaart uit waarop alles staat wat we nodig hebben en waar we rekening mee moeten houden. De kaart is onderdeel van het programmaboekje dat begin juni aan de deelnemers zal worden toegestuurd. Als ik wil kan ze alvast een linkje naar mij toe mailen onder voorwaarde dat het alleen voor intern gebruik is. Met twee vingers in de lucht beloof ik het haar plechtig. Er heeft nog iemand de weg gevonden naar het secretariaat, hij is  van de organisatie van één de dorpsevenementen. Hij vertelt waar ze in Sopsum (geloof ik) allemaal mee bezig zijn om de dag op hun traject tot een succes te maken. Hij wil graag weten waar de toiletten komen te staan en wie daar gebruik van mogen maken, of de muziek ook consumptiebonnen krijgt en hoe hoog de vlaggetjes boven de weg moeten hangen. Grietje is één en al geduld, weet alle vragen naar tevredenheid te beantwoorden. Mij wijst ze er nog op dat de loopbrug over de A31 bij Franeker alleen op 16/6 gebruikt mag worden, een paar landeigenaren geven geen vrije doorgang, dan alleen op die dag. “Een duur bruggetje”, schiet mij door de gedachten. Overigens was deze info, iets minder gedetailleerd, ook al via Arjen tot ons gekomen. Verrijkt verlaat ik het gevang, koop mezelf een nieuwe broek en sweater, loop nog even langs het Runningcenter voor wat gelletjes en mail ’s avonds de teamleden mijn bevindingen.

Vrijdagavond eerst even naar William om de proviand in 3 porties te verdelen, Karin en Arjen weten wat we nodig hebben en hebben al boodschappen gedaan – waarvoor onze dank. William heeft zichzelf benoemd als rayonhoofd van Franeker en gaat ’s avonds nog even kijken naar een alternatieve route voor de brug bij Franeker. Zelf rijd ik naar Alco aan de Nieuwe Bildtdijk 252, een adres dat mijn routeplanner niet kent, dan maar 250, lukt. Na 250 volgt 254 met een betonweg er tussen. “U bevindt zich op een niet gedigitaliseerde weg, indien mogelijk, keer om”, zegt Sandra. Deze keer luister ik niet, want in de verte, vlakbij de zeedijk zie ik de pleats van Alco de Jong. Op het hiem staat hij een machine schoon te spuiten. We bespreken even de net gezaaide sipels en de prijs van de aardappelen. Ik geef hem de droge kleren voor na de training en wat proviand. Hij zet zijn auto bij de finish neer en rijdt daarna met Arjen en Karin naar de eerste verzorgingspost bij Wommels, waar hij zijn training zal beginnen. Daarna naar Bitgum om de zak met eten en drinken bij Lyze af te leveren. Alle is net terug van een trainingsstage met een schaatsploeg aan de Algarve, veel fietskilometers gemaakt. Het tellertje onderaan mijn beeldscherm staat nu op 1.077 woorden en er is nog geen meter gelopen. Ik neem het u niet kwalijk als u inmiddels bent afgehaakt.
Jurjen en Alle op weg naar de verzorgingspost
 Zaterdagmorgen, de wekker gaat om half 5, moet me zelf een beetje haasten om op tijd – half 6 – bij William te zijn. Anja, Marijke en Jurjen zijn er al, we kunnen op weg. Eerst even langs Jellum om daar de tas met lekkers aan de deurkruk te hangen. Schoonmoeder Bosch wuift ons vanuit het dakvenster een goede reis. “Tot straks”, meen ik nog op te vangen. Jurjen wijst nog even de pleats aan waar de familie Bosch vroeger heeft geboerd en waar hij de hand van Suzan heeft gevraagd, én gekregen. In mijn binnenspiegel zie ik dat W van het ene bil op het andere wipt. Hij zit tussen de dames in, stevig in de gordel, zij niet. Dat hij het moeilijk heeft gehad blijkt pas na afloop als hij moet toegeven dat het toch zeker 8 km lopen heeft geduurd voordat zijn heup weer in de kom was geschoten, maar dat het desondanks niet een vervelende rit was geweest. Op de terugweg heb ik Marijke, die toen middenin zat, nergens over gehoord.
Miniatlas

             
               We zijn om goed 6 uur in Boazum, voldoende tijd om de start te bepalen en te wachten op Alle. W deelt mee dat we straks bij Franeker 900 meter extra moeten lopen vanwege de brug en dat we dit kunnen compenseren door nu de eerste 850 meter als inloop te gebruiken. Het wordt vrij dwingend gezegd, zodat niemand over de missing 50 m durft te beginnen. Bij de spoorwegovergang geven we elkaar een hand en gaan ‘en route’. Het weer is prachtig zo vroeg in de ochtend, de opkomende zon ‘is cracking the trees’, zoals ik een Engelsman eens heb horen zeggen. De wind is gunstig, oost/ noord-oost, en zal de hele morgen in die hoek blijven. Tijd om wat te kletsen en sterke verhalen te vertellen. Weinig verkeer op de weg, de bewegwijzering met “De Slachteweg” maakt het gemakkelijk om  in het juiste spoor te blijven. Mocht er toch nog onzekerheid zijn, dan kunnen we terugvallen op de miniatlas die W aan zijn riem heeft gegespt. Telkens al we een zone zijn gepasseerd, wordt het betreffende blad er demonstratief afgescheurd en in de eerstvolgende container gedaan. Voorbereiding is ook hier het halve werk. We worden zo nu en dan ingehaald door steeds hetzelfde busje. Er springen dan twee mannen uit die de straat schoonvegen, ons weer inhalen, weer ergens gaan vegen enz. Op het busje, net als op de t-shirts, staat fietselfstedentocht. We hebben genoeg kennis in de groep om te weten dat dit niet het traject is waarover deze tocht maandag zal worden gereden. Tijd om op onderzoek uit te gaan. Na enige druk te hebben uitgeoefend zeggen de heren dat het om de mini-elfstedentocht gaat, een soort familiegebeuren dat tegelijk met het Grote Gebeuren plaatsvindt. Eigenlijk generen ze zich een beetje dat ze zich niet met de echte Elfstedentocht mogen bezighouden.
Op weg naar de verzorgingspost
                Nadat we de brug bij Kromsyl hebben genomen en vluchtig de gedichten langs het pad in ons hebben opgenomen (je moet werkelijk oog voor alles hebben) komt  Alco ons tegemoet lopen om ons naar Karin en Arjen te brengen, een kilometertje verderop. Arjen heeft zijn fototoestel in gereedheid gebracht om deze mini-finish vast te leggen. Marijke en ik mogen voorop, ‘de oudjes maar eerst’, klinkt het achter ons. Ja, trainen is niet alleen lichamelijk belastend. De ontvangst is hartelijk en warm, het zweet loopt langs de rand van mijn pet om een uitweg te vinden. De waarschuwing is duidelijk, met dit weer is compensatie van het vochtverlies van levensbelang. Gulzig laven we ons aan de dranken en schrokken de koek naar binnen. Jurjen en Alle vertrekken als wij aankomen. Ik denk dat Arjen nu de foto van W bij deze fase plaatst. W houdt namelijk een naambordpaal vast en geeft tegelijk aan dat de Slachtedyk is aangelegd om het plassende water tegen te houden.
Slachtedyk doet weer dienst als waterkering.
                
Op naar de heer en mevrouw Bosch (2x), maar dit loopt even anders en ik ontdek nu pas waarom. Op een gegeven moment lopen we door Lollum en dat had niet gemoeten, de route loopt een paar kilometer ten oosten van dit dorp. De aansluiting komt wel weer, maar net even voorbij de plek waar de fam. Bosch zich had opgesteld. Schoonzoon en compaan zijn wel goed gelopen. Bij de T-splitsing Franeker-Achlum weten we het even niet meer, geen nood, we dwingen twee auto’s tot stoppen. De ene chauffeur ontkent alles, de andere is met de Slachte ‘opgegroeid’ en wijst ons het juiste pad. Off the road gaat het, slingerend door de wei- en bouwlanden. J + A zijn hier al langs gekomen, gezien de lege gelverpakkingen die we tegenkomen. En we hadden nog zo afgesproken om groen te lopen!  Als we Achlum gepasseerd zijn, begint de dorst toch toe te slaan. De eigenaar van een mooie woonboerderij is genegen ons zijn waterkraan beschikbaar te stellen, er gaat toch zeker een halve kuub doorheen.  A+M vinden het teveel gevraagd om ook naar het toilet te vragen en duiken naast de boerderij het hoge gras in, alleen hun kopjes zijn nog zichtbaar. Een paar honderd meter verder worden we ingehaald door de fam. Bosch. Zij hebben bovenstaande niet meegekregen en zijn gaan zoeken, hulde! Snel slaan we nog wat drinken naar binnen en spreken af elkaar bij Kiestersyl weer te zien.  Deze keer gaat het goed.

Zelf heb ik nog een klein ongemak, dat ik beter voor me had kunnen houden. Om niet het milieu met een leeg gelzakje te belasten, had ik dit in de band van mijn broek geklemd. Voel even later langs mijn dijbeen kleverig vocht naar beneden lopen, na inspectie blijk ik het zakje met de opening naar beneden te hebben vastgezet. Het restant veroorzaakt dit kleverig ongemak. In alle argeloosheid doe ik hier mededeling van, geen compassie maar alleen hilariteit en dubieuze opmerkingen. Werkelijk, tot aan de thuiskomst hebben ze hier lol om gehad, terwijl ik alleen maar blij was dat het wespenseizoen nog niet was aangebroken. Kiestersyl is relatief kort na de vorige stop, toch weer even goed bijtanken en op naar Franeker. W leidt ons perfect via de alternatieve route door het fietstunneltje naar Standplaats Lyze. De stoelen staan klaar, maar dat hebben we afgeleerd, het is toch al lastig om weer op gang te komen, dus alleen bij de finish een stoel . Het is nu nog een kilometer of 5, tijd voor een afterburner. W deelt ze uit, product komt uit de ruimtevaart. André Kuipers is er ook mee aan het experimenteren. Op de verpakking staat dat het een boost geeft en energie gelijk aan een biefstuk. “Dat sil ik Jehannes oare wiike in kear foarsette in pleats van een echte”, zegt Marijke. Ze heeft nu al voorpret.
Biefstuk?
                 Een half uurtje later bereiken we de finish, de stoelen staan al klaar, J en A zijn er al even en hebben ook een voldaan gevoel over deze morgen. Voordat Anja over de streep gaat tovert ze achter een geheim ritsje een lippenstift tevoorschijn. “Kreas oan’e start, kreas oer de finsh”, is haar motto. Wie zijn wij om daar iets tegenin te brengen. Deed mij denken aan wat mijn moeder met regelmaat tegen ons zei: “hast wol in skjinne ûnderbroek oan, foar it gefal dast troch in ungemak yn it siekenhûs komst te lizzen?”. De soep, de koffie, het smakt allemaal even lekker. Lyze en Alco bedankt. De terugreis naar Boazum gaat in het busje van Alco, het duurde maar een half uurtje maar geeft gespreksstof voor een uur, het wordt u bespaard.

Nog even voor de dierenliefhebbers, we hebben een Canadese vechteend gespot in de buurt van Wommels.

Het was een prachtige, leerzame generale!


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen